Ooit in Honselersdijk geweest, op amper een half uurtje rijden van Rotterdam? Ik reed er vrijdag met open mond voor het eerst doorheen, zo onder de indruk als ik ben en blijf over dat hele Westland. Alleen als je in die 'glazen stad' zelf terechtkomt, dringt pas eigenlijk tot je door hoe immens en intensief de kasteelt er nou werkelijk is.
Zeker, het is het grootste of ten minste het meest productieve tuingebouwgebied op aarde. Maar wie in Nederland kan zich daarbij dan ook meteen iets voorstellen? Anders dan in het geval van bijvoorbeeld de Rotterdamse haven of van Schiphol doen de Westlandse groente- en fruittelers gezamenlijk maar weinig om de omvang en het internationale aanzien van hun bedrijfstak wat beter over het voetlicht te trappen.
Aan pr doen de tuinders in het Westland nauwelijks, terwijl ze er toch genoeg redenen voor lijken te hebben. Ja, Máxima en Willem-Alexander maakten afgelopen week persoonlijk kennis met Rob Baan van KoppertCress in Monster, de prominente teler van bijzondere kruiden en groente-sprouts die levert aan alle grote chefkoks in binnen- en buitenland. Maar in de tamelijk naar binnen gekeerde wereld van het Westland veroorzaakt dat amper een rimpeling, laat staan over de grenzen ervan.
Aan mijn bezoek aan Greenco in Honselersdijk gingen onlangs die van de president van Congo en het staatshoofd van Myanmar vooraf. In een stoet limousines en met motorescortes kwamen ze kennisnemen van de innovatieve technieken waarmee Jos van Mil en zijn partners er op tientallen hectaren gemalen kokosvezels liefst 80 verschillende tomatenrassen kweken, goed voor een oogst van miljoenen exemplaren per dág.
Skybox in de kas
Ook bij Greenco kijken ze allang niet meer op van een koninklijke of presidentiële visite meer of minder. Voor de Congolose president was een Chinese buffetmaaltijd geregeld, voor zijn uitgebreide gevolg hadden ze broodjes gesmeerd. En net als ik werden de heren uit Brazzaville en Naypyidaw in het voormalige Birma ontvangen in de ‘skybox’ boven de proefkas van Greenco: een vide die eerder wat weghad van een speelruimte voor kinderen dan, zeg maar, een deftige loge.
Maar indrukwekkend was het niettemin allemaal wel. Uitkijkend over zijn groene zee van planten vertelde Jos van Mil dat elk buitenlandse delegatie hem het liefst meteen mee terug naar huis zou willen nemen om de kasteelt dáár op te zetten. Topverdiensten zijn dan gegarandeerd, weet Jos, maar net als veel tuinders heeft hij zijn hart en wortels toch echt in het Westland liggen. Het Silicon Valley van de mondiale sector. De plek waar het gebeurt als het je streven is tomatenrassen steeds lekkerder, gezonder én milieubewuster op te kweken.
In plaats van met chemische middelen werken ze bij Greenco zo met diverse variëteiten aan insecten om ziektes te bestrijden en de energievoorziening is duurzaam. Op de foto bij dit verhaal zie je een Greenco-medewerker aan het werk die wekelijks van plant tot plant inspecteert of al die verschillende insecten hun taak (het opvreten van bladluis) wel naar behoren uitvoeren.
Tomato World
Jos van Mil, hij zegt het zelf, is zo’n gepassioneerd teler. Hij deed de mavo en een paar jaar tuinbouwschool, maar trad halverwege die studie toch maar liever in de voetsporen van zijn vader: hup de kassen in. Behalve in het Westland heeft Greenco nog tomatenkassen in Brabant en eigen tomatenleveranciers in Marokko en Spanje. Daarnaast is er - ook in Honselersdijk - dan nog Tomato World, een permanente expositieruimte in over alle facetten van de tomatenteelt.
De presidenten van Myanmar en Congo hebben er rondgekeken, de directeur Europa van Shell eveneens, en er worden scholieren en studenten ontvangen om ze warm te maken voor een loopbaan in de groene sector. Er liggen voor laatstgenoemde categorie grote kansen om het in die branche helemaal te maken. Een whizzkid die erin slaagt een nieuw, sterk en vooral smakelijk tomatenras te ontwikkelen en te veredelen, is van dezelfde onschatbare waarde als de opvolger van Steve Jobs in de computerindustrie.
Tomatenzaad: kostbaarder dan goud
Er hangt in Tomato World een kilo tomatenzaad in een vitrine, goed voor een handelsprijs van zo’n 70duizend euro, meer dan je voor hetzelfde gewicht aan goud betaalt. Jos van Mil bedoelt maar: zo bescheiden als de aanslag van een handjevol op de markt gekochte tomaten op je huishoudportemonnee is, zo bijzonder zijn de business en de kennisindustrie erachter.
Lange tijd was ik een man van de tomatensoep, het enkele partje in de groene salade en de rode pastasaus als het op het eten van zulk ‘rood goud’ aankwam, maar bij Greenco wip ik de ene ‘Tommie’, ‘zoete Japanner’ en ‘Picanto’ na de andere ‘Coeur du boeuf’ naar binnen als waren het truffelbonbons. Zoiets ziet een gepassioneerde teler als Jos van Mil dus graag. De gemiddelde consument heeft tenslotte geen idéé van wat er in Westland allemaal onder zo’n rood (of groen of geel of gevlamd) velletje aan smaken kan worden verpakt.
En - hèhè - het Westland wil dat langzaam maar zeker ook rechtstreeks aan diezelfde consument laten weten. In de Markthal spelen ze sinds kort zèlf voor groenteboer. Letterlijk. In hun stand Natuurlijk! brengen de grootondernemers Rob Baan van KoppertCress, Jos van Mil van Greenco en de mannen van de Best Fresh Group hun oogsten nu zelf aan de man. De (voorzichtige) coming out van het Westland is een feit!