Vanmorgen deed ik de gordijnen open, geen zon, geen vrolijk uitzicht. Drie weken geleden stond ik nog in zomerse temperaturen met mijn vrouw in de supermarkt: slippers, korte broek en t-shirtje, maar wel al met uitzicht op pepernoten, kruidnootjes en chocoladeletters.
Nu is het natuurlijk nog niet echt herfst wanneer ik deze gedachte heb, nog niet veel vallende blaadjes, nog geen regen die tegen de ramen klettert, nog geen gierende wind die om het huis heen blaast. Mijn warme jas net te warm, het zomerse jack net te koud, een muts nog veels te overdreven. Rubberlaarzen, moet er nog niet aan denken, de slippers zijn nog warm, eigenlijk nog geen zin om ze op te bergen tot volgend jaar. De herfst is als een akelig tussenseizoen met aan het eind van de maand tot overmaat van ramp ook nog de wintertijd, dan is het donker als je opstaat, donker als je thuiskomt van je werk.
Herfst, het is helemaal niks.
Of toch wel? Ik was afgelopen weekend even in de markthal en aansluitend liep ik even rond op de markt in het centrum. Wat een feest en geen betere tijd om even rond te neuzen. Wild, in allerlei soorten en maten, paddenstoelen in allerlei kleuren en smaken, de geur van heerlijk vers brood die zich in je neus nestelt zodra je langsloopt. Verse appeltaart bij de bakker. Mooie kiemsoorten in uiteenlopende smaken en geuren. Nieuwe restaurantjes en pop-ups overal in de stad, waar mensen geduldig staan te wachten om een heerlijk bord vol met lekkernijen op te peuzelen.
Herfst, het is het helemaal. Eén groot feest vol met lekkernijen en gezelligheid. Laat de zon nu maar even wegblijven, die schijnt al door in alle lekkernijen die staan uitgestald op markten. Volg je neus en je hart en kook erop los met vrienden en familie.
Feest ze.