De ouwe Kik uit Bruinisse is een begrip op de Rotterdamse markt. Al liefst 45 jaar lang staat de familie Kik op de tweewekelijkse markt op de Binnenrotte, waar zij hun Hollandse schelpdieren verkopen in hun gespecialiseerde kraam. Op zaterdag is er ook een tweede kraam waarvan het berglandschap aan lege mosselschepen in het oog springt, de marktganger kan hier zijn vingers vies maken aan vers gestoomde mosselen.
Kik, ooit begonnen op de grote vaart, ging 'van armoe naar de mart', vertelt zijn dochter Willemien in plat Zeeuws. Hij kocht zijn eerste bootje en begon met het vissen naar mosselen, in die tijd waren die nog niets waard. Dit bracht hem al snel naar de markt. Toen zijn twee broers zich later bij hem aansloten, kochten ze gezamenlijk een mosselbedrijf uit Wieringen. Dat zou uiteindelijk de basis vormen voor het huidige bedrijf. De familie Kik heeft inmiddels drie schepen in hun bezit: de Bru-33 waarmee ze de mosselen uit de Waddenzee halen; de WR-31 die uitsluitend bestemd is voor de kokkelvangst; en de Bru-34 die enkel en alleen voor de marktvangst dient. Kik was van begin af aan ‘de man van de mart', zijn broers werkten thuis op de schepen. Later zouden nog vele zonen en dochters, nichten en neven zich aansluiten bij hun voorouders.
Een Zeeuws familiebedrijf
Als fervent marktganger heb ik de ouwe Kik nog mogen meemaken achter zijn kraam. De beste man – altijd gehuld in een donkerblauw windjack, handen in de zakken tegen de kou, een zwaar Zeeuws dialect en lief gezicht – is inmiddels 83 jaar en brengt zijn dagen rustig door in Bruinisse. De zorg voor de kraam is in handen van dochters Willemien en Janneke die vaak samen gezellig staan te kletsen achter een rij van uitgestalde zakken alikruiken, oesters, kokkels, scheermessen en heel veel mosselen.

Aan het begin van ons gesprek is Willemien, vandaag zonder zus, wat bescheiden en wil het liefst niet op de foto. Als de familiegeschiedenis eenmaal op gang komt is ze niet meer te stoppen. Willemien staat al 28 jaar lang op de markt. Sneeuw 'doet ze nie meer' maar anders staat ze er altijd. Wat ze zo leuk vindt aan op de markt staan? 'De mensen.' Haar bruine ogen glunderen als ze vertelt over de vroege jaren van de markt, toen deze nog als belangrijke sociale ontmoetingsplek fungeerde en hele gezinnen zakken met mosselen kwamen kopen. 'Het is niet meer als vroeger, het loopt nu alleen maar af. Mensen gaan liever naar de supermarkt. Vroeger waren we soms om drie uur 's middags al uit. Nu is het ook wel gezellig hoor, we hebben veel vaste klanten die blijven terugkomen, maar die drukte van vroeger zullen we nooit meer meemaken.'
Japanse oesters door barre winters
Heel de week is de familie bezig met vissen. Vroeger leverden ze nog aan restaurants en winkels, maar tegenwoordig staan ze alleen nog op de Rotterdamse en de Haagse markt. 'In Amsterdam kennen ze geen mosselen', zegt Willemien. 'In Drenthe, Overijssel, kennen ze ze niet. Rotterdam is echt met de mossel verbonden.' De oesters die ze in de kraam verkopen komen van het eigen perceel en is de Japans-Zeeuwse oester. Met “de Reinier Paping” – zoals haar vader altijd zei – (Reinier Paping was winnaar Elfstedentocht 1963, red.) dreigde de oorspronkelijke Zeeuwse Creuse dood te vriezen, waardoor de Japanse oester werd ingevlogen. Die bleek al snel zeer gewaagd aan de Nederlandse wateren en nu zitten ze overal. Het mosselseizoen loopt van augustus tot april. De oesters gaan iets langer door, tot september. Daarna gaan de beestjes melken en zijn ze niet lekker.
Wat Willemien in die vrije weken doet? 'Niks. Gewoon thuis. Een weekje op vakantie en da ist.' De hele familie woont nog altijd in Bruinisse, dicht bij elkaar in de buurt. Op de vraag of ze zelf vaak hun eigen schelpdieren eten antwoord ze: ‘Kokkels vind ik het lekkerst en in het begin van het seizoen mosselen, maar hooguit één keer per week. Oesters eten we niet, lusten we niet.' En alikruiken? Wie eet dat nog tegenwoordig? 'De Chinezen zijn er dol op. Maar kruiken kennen de mensen niet meer, die generatie verdwijnt. Ja, in Zeeland eten ze traditioneel krukels met krentenbrood met de Pasen.' Hoe nostalgisch Willemien ook naar vroeger is, krukels met krentenbrood, daar begint ze niet aan.