Aan de rand van het Zeeheldenkwartier, op de hoek van de Speijkstraat, ligt Bacco Perbacco. Zodra je er binnenstapt, word je ondergedompeld in warme stemmen, volle borden en lange tafelmomenten. Het is een gevestigde naam in de wijk, maar na een wisseling van eigenaar opnieuw het ontdekken waard.
Met een knipoog
De naam Bacco Perbacco klinkt al als een goed begin van de avond. Vrij vertaald iets als “jeetje!” of “verdorie zeg!”, met een knipoog naar Bacchus, de god van wijn en plezier. Na een avond hier snap je waarom die naam zo goed gekozen is.
Familiegeschiedenis in plaats van een menukaart

Het menu wordt hier mondeling verteld, snel, gepassioneerd en met een duidelijke trots.
Bij Bacco Perbacco is het menu als een vaste, maar flexibele reis door de keuken. Eigenaresse Roberta legt ons met zichtbare trots uit hoe de avond is opgebouwd: iedereen kiest voor een vast menu, beginnend met een gedeeld voorgerecht van verschillende Italiaanse antipasti, gevolgd door een pasta als tussengerecht en tot slot een ‘secondo’, ofwel hoofdgerecht, van vis of vlees.
Op het menu staan dan geen clichés, maar juist minder bekende regionale recepten en familierecepten die verhalen vertellen, zoals ze thuis in Italië worden gemaakt, door moeders en doorgegeven door grootmoeders.
Antipasti: een reis door Italië

De avond begint met een tafel vol antipasti en dat zet meteen de toon. Het is een zorgvuldig opgebouwde proeverij van gerechten uit verschillende regio’s.
Zo proefden wij fluweelzachte mortadella uit Bologna, pittig-zoete pepertjes met tonijn uit Puglia en een romige burrata uit Campania. De volle tafel nodigt uit tot delen en proeven, en nog een glas wijn.
Pasta's die je bijblijven

De ravioli met tonijn en ricotta in een romige aspergesaus is verfijnd en verrassend. De zachte, milde ricotta en de ziltige tonijn vullen elkaar moeiteloos aan, terwijl de saus het geheel afrondt zonder zwaar te worden.
Daartegenover staat de casarecce met wildzwijnragout: rijk, intens en vol karakter. De lichtzoete wijnsaus geeft het gerecht diepte en warmte. Dit is zo’n gerecht waarbij je eigenlijk je bord nog even zou willen aflikken.
Hoofdgerechten: kracht en balans

Het hoofdgerecht, de secondo, is een ribeye zoals die zou moeten zijn: mals, sappig en met een mooie korst. Geen wonder dat de Italianen hier zo gek op zijn, de combinatie van het vlees met het zoete van de balsamico azijn en het noterige van de rucola halen het beste in elkaar naar boven.
De zeeduivel biedt een lichter, maar niet minder interessant alternatief. Stevig van structuur, perfect gegaard en met een subtiele krokante buitenkant. Een perfecte keuze na een wat zwaarder pasta gerecht.
Dessert: traditie op z'n zoetst

Hoewel er al ruimvoldoende gegeten was, was het dessert overslaan absoluut geen optie. Want na hartig eten komt zoet, toch? We proeven de torta della nonna, volgens oma’s recept uit Toscane.
Een knapperige deegbodem, gevuld met zachte, romige banketbakkersroom die wordt afgetopt met poedersuiker en pijnboompitten. Simpel, romig en onweerstaanbaar.
Naast de torta della nonna proeven we een typische lekkernij voor tijdens Pasen en Kerstmis, de crostata. De crostata is een wat boerse taart die doet denken aan appeltaart, maar met een rijkere, mediterrane vulling van gedroogd fruit. Een perfecte combinatie waarin de zoete maar kruidige gedroogde vruchten en het krokante, boterige deeg samen komen.
Hier proef je waar Italië echt om draait
Bacco Perbacco doet het net even anders, en precies daardoor zo goed. Met een vast menu, maar ook met vrijheid om te kiezen, ook uit de diverse Italiaanse regio’s. De ingrediënten zijn puur, de smaken in balans en de sfeer ongekunsteld gastvrij.
Dit is een avond aan tafel zoals Italianen hem bedoelen. En als je naar buiten loopt met het gevoel “perbacco, dit was goed”, dan weet je genoeg.