Op woensdagmiddag, lang geleden, als bij ons de Donald Duck-bezorger langskwam, stelde ik me op de straathoek op om hem tegemoet te hollen zodra ik hem ontwaarde. Ik schat in dat ditzelfde vreugdevol anticiperen bezit van mij zou nemen na het nemen van het thuiswijnabonnement zoals dat wordt aangeboden door LenselinQ, de concept-store in authentieke en pure wijn die tegenwoordig is gevestigd aan de Oppert.
Het basisabonnement voorziet in zes keer twee flessen, waarvan acht rood en vier wit, voor 90 euro per maand, wat voor snelle rekenaars neerkomt op € 7,50 per fles. Dat is inclusief bezorging in Rotterdam en omgeving, dus mocht je mij ongedurig op de hoek van de straat zien ijsberen, dan weet je hoe laat het is.
Overal dezelfde druivensoorten, dezelfde wijnhuizen
LenselinQ is het kindje van Martijn Lenselink en Chris van Steenbergen (even afgezien van hun kindjes van vlees en bloed). 'We zijn deze winkel begonnen, omdat we vinden dat de smaak van wijn zo enorm is vervlakt,' zegt Martijn. 'Het maakt niet meer uit in welke wijnwinkel je komt. Overal tref je dezelfde druivensoorten of dezelfde wijnhuizen. Hetzelfde geldt voor de meeste restaurants: kijk op de wijnkaarten en je ziet overal hetzelfde. Alles is gebaseerd op hetzelfde smaakpalet.'
Hij wil het zelfs nog scherper uitdrukken: 'Nagenoeg alle wijn die in Nederland wordt verkocht is gemanipuleerd. De grote wijnimporteurs bepalen de markt en daarmee de smaaknorm.'
Daarom zie je het ene moment iedereen chardonnay drinken, de maand daarop viognier en is het vandaag (of al niet meer) grüner veltliner.
Onnodig te zeggen dat LenselinQ 1. weinig opheeft met de de markt overheersende wijnimporteurs en 2. zich aan welke mode dan ook niets gelegen laat liggen.
Bij de wijnboer aan de keukentafel
Dat zie je al bij het betreden van de winkel, rechts van de inrit van de Bijenkorfparkeergarage in de Aert van Nesstraat. Niets geen overdadige luxe, alles sober en puur, alsof je binnenstapt bij een Italiaans wijnboertje ergens in de bergen. Zo doet Martijn Lenselink het zelf ook: hij gaat de kleine boertjes af waar hij wordt ontvangen aan de keukentafel. Vindt hij de wijn goed, dat wil zeggen lekker, is die in staat hem te verrassen en voldoet die aan de normen die hij stelt aan authenticiteit en puurheid, dan koopt hij hem. Vaak gaat het om kleine oplagen (of heet dat bij wijn niet zo?). Is de wijn van zijn keuze op, dan moet hij een jaar wachten. Is die wijn door een tegenvallende zomer minder goed, dan slaat hij een jaartje over.
Want het kan toch niet, zegt Lenselink, dat je in de supermarkt wijnen treft die jaar in jaar uit hetzelfde smaken? In dat verband praat hij niet over wijnhuizen, maar over merken. 'Ik wil in mijn winkel geen merken verkopen. Ik wil niet een wijn verkopen die ze overal hebben. Alles wat hier staat, zie je nergens anders.'
Martijn Lenselink weet waar hij het over heeft. Hij was sommelier bij De Zwethheul, later zette hij voor Vermeijden op de Nieuwe Binnenweg de wijnwinkel op. Groot is ook de kans dat je hem kent van de winkel die hij samen met Herman den Blijker en David Crouwel dreef op de Van Oldenbarneveltstraat, later De Gouden Ton. Nu levert hij wijnen aan de restaurants Amarone, Open en Zeezout en wijnbar Het Eigendom.
Kom maar, proef maar
Essentieel in de wijnhandel is: proeven. Niet alleen moet de inkoper weten wat hij in huis haalt, ook moet hij de klant overtuigen en je kunt lang praten over rood fruit, brandnetel en kiezelstenen — niets overtuigt meer dan proeven, juist als je wijnen verkoopt die minder gangbaar zijn dan die van de supermarkt. Dus staan bij LenselinQ flessen schenkensgereed: kom maar, proef maar.
Vanuit die gedachte is het thuiswijnabonnement ontstaan. Elke maand krijgt de abonnee een doos vol wijnverrassingen met daarbij informatie ('flessenpost') over de herkomst van de wijn, de wijnboer en de druif.
Bij alle wijnboeren wier wijn hij verkoopt, heeft Lenselink aan de keukentafel gezeten: wie bij hem wijn koopt, is dus maar één handshake verwijderd van de hand die in de aarde wroette, de druiven liefkoosde en ze plukte.
Foto boven: Martijn Lenselink en Chris van Steenbergen. (Foto Frank van Dijl)