Blonde Arie en Slome Japie zijn dood. De twee Bonte Bentheimer biggen, die opgroeiden op een braakliggend stukje land op Katendrecht, zijn vorige week naar de slager gebracht. Ze worden 22 november herdacht met een debat onder leiding van schrijver Ernest van der Kwast in Belvédère, Verhalenhuis Rotterdam.
Dat meldt Rotterdamse Oogst. Volgens de stichting waren de varkens voor hun dood 'rustig en nieuwsgierig'. Arie woog 200 kilo. Ze zijn een halfjaar lang gevoerd met restjes pasta, rijst en appels met een plekje en vertroeteld door de bewoners van de Kaap.
Varkenshuis Rotterdam
Het varkenslandje op de hoek van de Veerlaan en de Tolhuisstraat groeide na een moeizaam begin uit tot een lokale trekpleister. Varkenshuis Rotterdam, de initiatiefnemer van het project, wilde door de verzorging van de dieren de lokale gemeenschap versterken.
De slacht van de Kaapse troeteldieren leidde tot heftige protesten op internet. Rotterdamse Oogst publiceert daarom 'voorlopig' geen foto's van de slacht. Japie en Arie keren als varkensvlees terug naar Katendrecht: het vlees wordt verdeeld onder hun verzorgers.
Met worst
Op de discussieavond (met worst!) vraagt Rotterdamse Oogst aandacht voor de ongemakkelijke situatie dat mensen van dieren houden én vlees eten. 'Het gevolg is dat we twee soorten dieren houden. Aan de ene kant hebben we onze huisdieren, waar we van houden: het dier als familielid. Aan de andere kant stoppen we de dieren die we eten ver weg: het dier als productie-eenheid.'
Het motto van Rotterdamse Oogst is: wat je van dichtbij haalt, is lekker.
Of het project een vervolg krijgt, is nog niet bekend.