Veggiesaurus ligt op een plek waar je het misschien niet direct verwacht: verscholen in een hotel, vlak naast de snelweg. Binnen draait alles om vegetarische Indiase gerechten, met tientallen rijke curry’s op het menu. Het contrast tussen de bescheiden buitenkant en wat je eenmaal binnen aantreft, is groot. Wij gingen langs om dat zelf te ervaren.
Van finance naar food

Achter Veggiesaurus staat een trotse eigenaar met een typisch Nederlands-Indaas verhaal: Himanshu. Hij neemt uitgebreid de tijd om zijn gerechten en achtergrond toe te lichten. Vanuit India kwam Himanshu naar Nederland om te studeren en belandde uiteindelijk in de corporate wereld van finance. Maar het kantoorleven beviel hem steeds minder. Hij startte in 2012 vanuit huis met koken om zo wat leuks te doen voor zichzelf.
Dit begon klein, maar groeide snel uit tot iets groters. Hij kookte soms wel voor 2.000 tot 3.000 mensen per keer. “Voor Nederlandse begrippen is 2.000 tot 3.000 mensen veel”, vertelt Himanshu, “maar in India zijn bruiloften met 5.000 tot 6.000 gasten heel normaal. Soms komen er zelfs 30.000 mensen.”
De catering liep goed en vormde jarenlang de kern van zijn werk. Dat verklaart ook de huidige locatie van Veggiesaurus, vlakbij de snelweg.
Een vegetarische levensstijl van huis uit

De naam Veggiesaurus doet vermoeden dat we, zoals vaak in de Indiase keuken, een vegetarisch feest voorgeschoteld zouden krijgen. De vegetarische filosofie van Veggiesaurus komt voort uit de traditie dat dieren heilig zijn. Alles bij Veggiesaurus is vegetarisch en bijna alles is vegan en dat proef je nauwelijks, en dat is een compliment.
Even terug naar het begin. Toen Himanshu in 2008 naar Nederland verhuisde, viel hem meteen iets op: goed vegetarisch eten was nog lastig te vinden. Zijn oplossing? Zelf maken!
Hij belde zijn moeder via Skype terwijl hij kookte. Alleen wist hij nooit precies wanneer iets klaar was. Tot hij zich realiseerde dat hij het kon herkennen aan de geur, dezelfde geur als het eten van zijn moeder. Tot op de dag van vandaag vertrouwt hij nog steeds op zijn neus. Proeven doet hij niet: hij ruikt of een gerecht nog kruiden of zout nodig heeft.
Een tafel vol verrassingen

We begonnen met een amuse van stukjes knapperige lotuswortel die we met verschillende dipjes aten. Daarna volgde een vrolijke plank met verschillende voorgerechten, zoals een saté waarvan mijn vriend absoluut niet kon geloven dat er geen vlees in zat.
Het hoofdgerecht werd geserveerd op een stalen plateau [thali, red.]. Voor mensen die het niet kennen, het doet een beetje denken aan een gevangenisplateau, maar eerlijk: zodra je begint te eten, vergeet je dat meteen.
Per persoon kregen we drie curry’s, rijst en drie verschillende broden: een knoflook naan, flatbread en een bhature (indiaas gefrituurd brood geserveerd met een kikkererwtencurry). De currys varieerden van de klassieke butter gravy tot aan een curry met pulled jackfruit en de ‘dahl Veggisaurus’ die maar liefst uit 48 uur langzaam gegaard en gerookte linzen bestaat.

En alsof dat nog niet genoeg was, sloten we af met een dessertplank. Alle desserts hierop waren helemaal plantaardig. Met een zeer, en dan bedoelen we ook echt zeer, volle buik verlieten we uiteindelijk het restaurant.
Vegan dat allesbehalve saai is

Waar veel mensen bij vegan eten nog denken aan wortels met hummus, laat Veggiesaurus zien hoe rijk, complex en verrassend plantaardig eten kan zijn.
De locatie blijft misschien het enige kleine minpuntje. Het restaurant zit in een snelweghotel en voor de toiletten moet je het hotel in. We begrijpen de praktische keuze, zeker met de cateringactiviteiten.
Stiekem zien we Veggiesaurus ook al helemaal voor ons in een knus pandje in het centrum van Den Haag. Wie weet… een tweede locatie misschien? ;)