Een van de grote vraagstukken van deze tijd: hoe de hamburger verder culinair kan worden gepimpt en ge-upmarket totdat zijn ware gastronomische grootheid is bereikt. De burger met truffel, kreeft en gemasseerd wagyu-vlees van Pickles is nu king. Maar er knagen ongetwijfeld alweer hippe concurrenten aan zijn broodje.
Jezus mag dan de naam hebben dat ie heel overtuigend kan terugkomen vanuit een kansloze situatie, maar hé, vlak ook de hamburger in dat opzicht niet uit. Decennialang was de gehaktschijf op z’n best de Roy Donders onder het fastfood, hooguit maar een klein beetje minder ordinair dan die sloebers uit het frituurvet: de frikandel en de bereklauw. Des te bijzonderder is dan ook de spin waarin de hamburger zich sinds een jaar of twee, drie ineens bevindt.
Niet alleen lijkt hij het armoedige Big M.- en Dubbele W.C.-imago definitief van zich te hebben afgeschud, ook in zijn tegenwoordige hoedanigheid als hemelse, culinair zeer verantwoorde verrukking blijft de hamburger je nog voortdurend verbazen. Bijna wekelijks beleeft hij wel weer een nieuwe Wederopstanding, slaagt alwéér iemand erin om de hamburger opnieuw uit te vinden. Een wonderbaarlijke broodvermenigvuldiging of zo’n herrijzenis uit de Bijbel is er niks bij.
Zo opende deze maand de Markthal de Firma Pickles. Een eethuis gespecialiseerd in de nét wat hippere hamburger dan de hippe variant die even daarvoor nog alle ogen van de wereld op zich gericht wist. Het bedrijf, dat eerder aan het hamburgerfront in Utrecht van zich deed spreken, zat vanaf dag één ook in Rotterdam meteen lekker vol. De immense nieuwsgierigheid van de mensheid naar de allernieuwste burger zal daarbij voor de grootste toestroom zorgen. Maar Pickles is ook nog eens heel aantrekkelijk ingericht, laat dat eveneens gezegd zijn. 
Voor het interieurontwerp is vooral goed rondgekeken in - ik schat - Europese bergsteden. Voor de belettering is die ene sierlijke-krulletter-specialist in de arm genomen die intussen de halve Randstad van prachtig beschreven krijtborden en raamopschriften voorziet. De muren zijn gemetseld met precies die witte tegeltjes die je met de ambachtelijke retro-vleeschhouwerij associeert. En de lange rijen bruine bankjes en counters passen wat mij betreft ook helemaal bij de ongedwongen, Stube-achtige setting waarin je hier, na het boodschappendoen, even gezellig een hamburgertje meepikt.
Nou ja, ‘even’. Een beetje meer eerbied voor de Pickles-hamburger lijkt wel op zijn plaats, want hij heeft veel meer onder de motorkap dan je van eerdere hamburgerconcepten al kende. Zo slaan de eigenaren van Pickels meerdere trendy vliegen in één klap door hun hamburgerbroodjes bijvoorbeeld op te tuigen met dry aged vlees, MRIJ- en Wagyu-rund, Ibérico-varken, eendelever en huisgemaakte jus de veau.
Minstens zo deftig zijn de toppings die je hamburgerervaring compleet maken: de extra betekenislaag van Petit Doruvael-kaas of Franse blauwe, de layer van zwarte truffel of van aceto-compôte van sjalot. De ‘handgesneden’ frites zijn van Pomms’ en tussen de andere side dishes op de kaart zien we onder andere de worsten van Brandt & Levie en ‘oer-Hollands brood’ van Carl Siegert. En kijk aan, voor meegenomen kinderen zijn er behalve biologische hamburgermenu’s ook speelgoedsuprises, net als ze in een vorig, Dickensiaans hamburgerleven gewend waren.
Het zal geen verwondering wekken dat de Mc Pickle in al zijn verschijningsvormen behoorlijk wat duurder is om te assembleren dan die van de McD. en de Burger K. De eenvoudigste burger komt in het Markthalfiliaal voor €13,50 onder de grill vandaan, de Surf & Turf met verse kreeft, 150 gr MaasRijnIJssel-rund en ‘Hollandse botersla’ laat zich voor € 21,50 op je hamburgerchecklist afstrepen.
Best lekker, allebei. Maar zelf konden wij het kardinale verschil tussen de Surf & Turf-turboversie en een aangeklede hamburger met doordeweeks rundergehakt niet helemaal benoemen. Maar mogelijk hebben we de juiste smaakwaardering van de culiburger nog niet te pakken. Mogelijk ook blijkt de gehakt-op-brood-formule uiteindelijk toch werkelijk niet van elastiek. Morgen weet ik wat dit betreft ongetwijfeld al weer meer. Dan is er vast weer ergens anders in de stad een nóg betere hamburger tot koning uitgeroepen.