Dichtbij Geldermalsen, in Deil om precies te zijn, ligt landgoed Palmesteyn. Daar grazen zo'n vierhonderd Blonde d'Aquitaine runderen die later geconsumeerd worden in diverse restaurants. Samen met Jacco van de Griend van Vleesleverancier Van der Burg & Bol maakte De Buik een tripje naar het platteland. Daar verzorgt en verwend Wouter van Everdingen zijn blonde runderen als zijn eigen kinderen.
Landgoed Palmesteyn behoort al ruim 400 jaar tot de familie van Wouter. Ooit stond op dit prachtige stuk land een kasteeltje, maar helaas staan daar nu nog enkel de restanten van overeind. Het bedrijf van Wouters vader begon met 1500 schapen, maar dat zorgde voor problemen. Dus werd het roer omgegooid nadat zijn vader in Frankrijk gecharmeerd raakte van het Blonde d’Aquitaine rund. Deze vleeskoe staat bekend om zijn lekkere malse vlees. Hij nam tien runderen en één stier mee naar Deil. Daar wordt tot op heden het blonde rund gefokt. Dat gebeurt op een diervriendelijke wijze. In het voorjaar staan de runderen te grazen in een weide van honderd hectare. Genoeg plek om de benen te strekken dus. In het najaar kunnen de runderen lekker vertoeven in een grote stal waar het broeiende stro zorgt voor genoeg warmte.

Vleesleverancier Van der Burg & Bol ging op zoek naar een nieuw Nederlands runderras en kwam in 2006 in contact met Palmesteyn. ‘Het Blonde d’Aquitaine ras is exclusief in de regio en uniek,’ vertelt Jacco van de Griend, vertegenwoordiger bij Van der Burg & Bol. ‘We zijn erg tevreden over het vlees, want de kwaliteit is constant. In Den Haag is het vlees erg populair en we willen het graag bekend maken in onder andere Rotterdam en omstreken.
Klik hier voor een mooie aanbieding met Palmesteyn vlees
Het dieet van het rund bestaat uit een mix van kuilhooi, maïs en aardappel. Het voedsel is van groot belang voor het vlees van de Blonde d’Aquitaine. ‘Alles wat je eet, heeft effect op je lichaam,’ vertelt Wouter. ‘Dat geldt niet alleen voor de mens, maar ook voor het dier. Als een rund alleen maar maïs eet, zal het vlees een gele kleur krijgen. Ook bepaalt het voedsel de structuur van het vlees.’
We krijgen een rondleiding op het landgoed. Te beginnen bij de eerste stal. Daar staan jonge stieren, met een dikke geel-oranje vacht en kleine hoorns. De runderen van Wouter zijn op natuurlijke wijze geboren. Daar kwam geen arts aan te pas, moederkoe deed alles zelf. Tijd voor ons hebben de jongens niet, ze zijn te druk bezig met eten. Volgens Wouter eten alle runderen in totaal achtduizend kilo per dag. Daar valt onze mond even van open. In het eerste levensjaar krijgen de runderen gras te eten, daarna eten ze een mix van kuilhooi, maïs en aardappel. De mest die de beesten produceren, wordt gecomposteerd en gebruikt voor bemesting
In een tweede stal staan de wat oudere runderen. ‘Een paar van deze dames gaan binnenkort naar de slacht,’ vertelt Wouter, terwijl hij wijst naar een paar stevige runderen. Als de runderen naar het slachthuis gaan, gaat het transport op een humane manier. ‘De vrachtwagen is voorzien van stro, waterbakken en genoeg plek om te staan of te liggen. De runderen krijgen ook de tijd om op hun gemak de vrachtwagen in te lopen.’ Wouter legt uit dat rust en ontspanning erg belangrijk is voor het vlees. Lawaai kan voor stress zorgen en dat heeft negatieve gevolgen voor het uiteindelijke product, want het vlees kan dan hard worden. Daarom slacht Wouter zijn runderen in een kleine slagerij, waar hij toezicht heeft op het slachtingsproces.
Na de slachting wordt het vlees 2 á 3 weken gerijpt. Daarna wordt het vlees verdeeld in technische delen en die worden weer vacuüm verpakt. Zodra het vlees binnenkomt bij Van der Burg & Bol, wordt het gecontroleerd. ‘Elk ras is anders, dus het product ook. Vlees van de Blonde d’Aquitaine is mager, mals en heeft een mooie structuur,’ legt Jacco uit. ‘We willen kwaliteit leveren en dat vinden we terug in de producten van Palmesteyn.’ Het vlees van de Blonde d’Aquitaine wordt alleen geleverd aan horeca, en dat maakt een stukje Blonde d’Aquitaine nog exclusiever.

Met een kleine terreinwagen worden we over het grote landgoed gereden. De uitgestrekte grasvelden zijn omringd zijn door knotwilgen. Andere velden zijn begrenst door een rivier, de Linge. Al zijn deze grasvelden maar een fractie van de alle stukken grond bij elkaar. ‘Mijn broer zit in de Bohemen, in Tsjechië. Daar staan nog eens duizend blonde koeien op 1500 hectare.’ In Tsjechië staan de koeien het grootste gedeelte van het jaar buiten, zelfs als het 20 graden vriest. De Blonde d’Aquitaine is een sterk ras en dat kan wel tegen een stootje. Uiteindelijk komen de runderen naar Nederland als ze negen maanden oud zijn, waar Wouter ze verzorgt tot ze rijp zijn voor de slacht.
Na de uitgebreide rondleiding drinken we nog een kop koffie. Daarna is het tijd om naar huis te gaan. We ruilen het rustieke en groene platteland weer in voor de drukke, maar gezellige stad.
Wilt u ook vlees van deze mooie runderen serveren? Bijvoorbeeld mooie Palmesteyn hamburgers. Neem dan contact op met Pim Schop door te bellen naar 06-23140530 of mail pim@vanderburgbol.nl.
Of klik hier voor een mooie aanbieding.