Het Deliplein is in hoog tempo een culinaire bestemming op zich is geworden. Half Rotterdam trekt er al naar toe om er te eten, te drinken en er dadelijk in de Fenixloods ook nog de boodschappen te doen. Kan er op dat stukje van de Kaap dan nog meer food-cultuur bij? Ja dus. Net als je denkt dat het Deliplein àf is, popt er alweer iets nieuws op: Daily Deli, het 'delicatessen-proeflokaal'.
UPDATE
Daily Deli is eind februari 2015 gesloten.
We stappen tegelijk binnen met de glazenwasser en een buurvrouw met een groot boeket: 'Nog voor de opening'. Die opening was daags ervoor en dat kun je ook nog ruiken: bloemengeuren uit de vazen en het vers geschuurde hout van de vloer en tafeltjes. De jongedame van de bediening loopt ijverig heen en weer in het nog rustige ‘lokaal’, maar ik wil ook wel even de eigenaar, René Bos, spreken. Want op dit intussen met eetzaakjes bezaaide plein op Katendrecht kon er kennelijk nog wel wat bij?
Zeker, beaamt René, een gezellige laagdrempelig café annex lunchtent was er namelijk nog niet op het plein. En daarom is het pand, op een mooi hoekje naast Tattoo Bob, door de gemeente aan hem gegund. René geeft me bij kennismaking z’n linkerhand, de rechter zit in een knalblauwe latex handschoen: bedrijfsongevalletje bij het uitpakken van de messen vorige week. Tja, dat is niet handig natuurlijk, maar René werkt er gewoon mee door. Kan ook niet anders met je eigen zaak.
Altijd gedroomd van zijn eigen zaak
Ik vraag hoe het zo gekomen is, dit ‘proeflokaal’, of hij een echte horecaman is. Hij lacht en vertelt dat hij aan het afbouwen is bij de Ongediertebestrijding ('Alleen vogels, hoor!'), maar dat hij altijd heeft gedroomd van zijn eigen zaak. Hij heeft jaren gewerkt bij strandtent Jan Patat, als duvelstoejager/bedrijfsleider, totdat de strandtent er mee ophield. Daarna werkte René bij eetcafé Anders, terwijl hij zijn ogen en oren open hield voor een mooie plek voor z’n eigen stek. Wat hem wel opviel, was dat hij overal tegen de macht van de bierbrouwers opliep, die een vinger in de pap wilden, niet alleen met de drank, maar ook met speelautomaten en zo. Daar had René geen zin in. Dus toen hij zag dat dit pand op het Deliplein vrijkwam, greep ie z’n kans en de rest is geschiedenis.
Waarin onderscheidt Daily Deli zich, vraag ik? Zoals gezegd is Daily Deli heel toegankelijk (ook letterlijk, met alle ruimte voor kinderwagens of rolstoel), maar wil René op de kaart vooral met zijn klanten de beleving delen van eerlijk en waar mogelijk lokaal en biologisch geproduceerd eten. Op de muur van de entresol hangen foto’s van een paar van de leveranciers: kaas- en zuivelboerderij Van der Burg, taart van de Urban Bakery, paté van Firma Bijten, wijn van Hosman Vins, brood(jes) van De Ondergrondse Bakkerij, pasta van Burro e Salvia, etcetera. Hij kan ook niet wachten tot de Fenix Food Factory opengaat: dan fietst hij van huis, via de FFF, zo naar Daily Deli.
We laten René weer z’n gang gaan in het piepkleine keukentje en bestellen een smoothie, pompoensoep, een broodje ‘pulled pork’ en een broodje tonijnsalade. Maar we zien op de kaart ook een lekkere kaas-, paté- of borrelplank staan en een eenvoudige warme hap. Die overigens ook mee naar huis kan, vertelt René nog even in het voorbijgaan. Wat we eten is prima en lekker, zeker als we ons op deze mistige dag voorstellen dat we op een zonnige dag hier verrukkelijk buiten zouden zitten op de stoep met die broodjes. Wel moet je er in deze eerste dagen na de opening rekening mee houden dat je geen haast hebt: het duurt wel even voor we onze broodjes krijgen. Maar zoals René verontschuldigend zegt: 'Ik moet echt nog m’n routine en m’n loopje krijgen in de keuken.' Wij hadden geen haast en - bedenk ik me enigszins schuldig - ik heb ‘m natuurlijk ook van het werk gehouden met m’n vragen...
